login | contact | nieuwsbrief

Volg ons op         

    

U kunt zich vanaf maandag 4 maart voor de excursies van 2019 inschrijven.


Verslag excursie Buitenplaatsen aan de Vecht zondag 13 mei jl.

Bij de voormalige buitenplaats Goudenstein in Maarssen lag onze boot voor vertrek gereed. Na een valse start , – het was nog geen tien uur en nog niet iedereen was aan boord, maar de verwachtingen waren hoog gespannen – vertrok het motorschip Prins Hendrik met vierenvijftig heem- en tuinschutters naar de Ridderhofstad Gunterstein in Breukelen. Varend over de Vecht zagen we, net als vroeger de Amsterdamse kooplieden op terugweg van hun zomerverblijf de buitenplaatsen VreedenHoff, Leeuwenburg, Slangevecht, Oudaan, Nijenrode en NIeuw Hoogerlust voorbijkomen. In Breukelen meerden we af bij het fraaie huis Gunterstein. Dit wordt omgeven door een slotgracht en het ziet er wat streng en nors uit. Een lindenlaan, die de zichtas vanuit het huis vormt, deelt het gebied in tweeën. Links de moestuin en de boomgaard, en rechts een bos, dat ooit een formele tuin met fontein was. De eigenaar, de heer R. Koole, leidde zelf ons in het bos rond en wees op de ceders, de zakdoekjesboom, de sequioa, de stinzeplanten, en andere bijzonderheden van dit verwilderde bos, dat hij zijn oorsponkelijke luister wil teruggeven en daar met beleid en geduld aan werkt. De tuinbaas, Arnold Achterkamp, nam de boomgaard links voor zijn rekening en wees ons de bijzondere constructie om de vijgen te laten rijpen, en de vele soorten appel-, kweeperen- en walnotenbomen. Hij vertelde er gedreven over, en schilderde in meeslepende bewoordingen de rebellie van zijn uitbundige fantasie tegen zijn gehoorzaamheid aan praktische beperkingen. En passant gaf hij waardevolle tips over snoeien, planten, ziektebestrijding en andere tuinbaasproblemen. Vele uren wilde hij doorvertellen, maar we moesten door, naar Vreedenhoff, met de Prins Hendrik, langs buitenplaatsen met intrigerende namen als Queekhoven, Sterreschans en Rupelmonde.

VreedenHoff had, anders dan Gunterstein, een ordentelijke aanlegsteiger, waar de bewoner en eigenaar, de heer Lisman, die er al achtendertig jaar woont, ons opwachtte. Een lunch en een korte uitleg vormden de inleiding op een uitgebreide rondleiding door het rustgevende park met voortreffelijk onderhouden gazons rond een centrale, natuurlijk aandoende vijver. Tussen de schitterende volgroeide bomen van het park,dat overgaat in een goed onderhouden bos, leidt de zichtas vanaf het huis, via de vijver, naar de verderweg liggende weilanden, die zich uitstrekken tot aan het Amsterdam-Rijnkanaal. Net als Gunterstein heeft ook deze buitenplaats in de 19e eeuw de transformatie doorgemaakt van een 18e eeuwse, Franse formele tuin naar meer landschappelijke, Engelse tuin. Tijdens de rondleiding werden ons soms zelfs hilarische bijzonderheden over tuinvazen, graskarpers,toevertrouwd en de oplossing voor het probleem van een in de weg staande taxus gegeven. Te laat vertrokken we dan ook per bus (240 cm breed) over polderwegen (220 cm smal) naar buitenplaats Vreedenhorst .

Het Vreelandse Vreedenhorst is eigendom van de erfgoedhovenier Kees Beelaerts van Blokland, en een van de weinige bewaard gebleven kleine buitenplaatsen. In zijn rondleiding bezong de bevlogen erfgoedhovenier de schoonheid van het ongemaaide gazon, waarop eerst sneeuwklokjes, daarna madelieven, en tenslotte paardenbloemen, kortom alles wat de groengrasgazonaanbidder als plaag beschouwd, ongestoord hun gang mogen gaan. Want anders dan bij de andere buitenplaatsen kan Kees Beelaerts van Blokland slechts beperkte tijd en energie in het onderhoud steken. Mede daarom koos hij voor een wat bijzondere inrichting van zijn grondgebied: links plantte hij een soortenrijk bos met her en der een exoot,en rec hts gaf hij de bestemming van arm, dus soortenrijk grasland, met daar doorheen een waterloop. Afgraven en –plaggen was dus het lange tijd het parool, maar tevredenheid van de landman het uiteindelijke resultaat. Na de wandeling door deze twee bijzondere landschappen wachtte ons, tuinliefhebbers, nog een borrel en een reis per bus, langs gruwelijke nieuwbouw, terug naar het Goudenstein. Dat was het eindepunt van deze voortreffelijk georganiseerde dagtocht, waarin we gezien hebben op hoeveel verschillende manieren bezitters van buitenplaats inhoud geven aan Candides uitspraak: il faut cultiver son jardin.

Leo Plenckers, Alkmaar


Aanmelden